Wedstrijdsport en Wedstrijdsport Plus
Veel van onze wedstrijdspringers zijn begonnen in de recreatieve lessen. Zij vonden het springen zo leuk, dat zij per week wat meer uren wilden trainen, en ook oefeningen (series van 10 sprongen) leren om in wedstrijdverband mee te kunnen doen. Een deel van onze wedstrijdploeg is begonnen in andere sporten (bijv. turnen) maar zij kozen er voor over te stappen naar de wedstrijdsport bij het trampolinespringen.
Wedstrijdsport

De wedstrijdspringers trainen per week 4 tot 8 uur (blokken van 2 uur), en komen uit in de C-, D-, of E-klasse. Het aantal trainingsuren wordt natuurlijk langzaam opgebouwd. Een trampolinewedstrijd bestaat uit 3 oefeningen. De voorronde bestaat uit een oefening van 10 verplichte sprongen, en een keuze-oefening waarin elke springer(/ster) een oefening springt waarin ook de moeilijkheid van de sprongen meetelt. Daarna volgt de finale-ronde, waarin weer een keuze-oefening wordt gesprongen. In de periode van oktober tot en met december vindt er een teamcompetitie plaats (afhankelijk van het niveau van het team is dat een regionale of een landelijke competitie). Er worden teams gevormd van telkens 4 springers(sters). De teams doen in de verschillende klasses mee aan 3 voorrondes. De beste teams uit de regionale competitie gaan daarna door naar de (landelijke) finale, waar promotie naar een volgende klasse kan worden verdiend.
In december staat de laatste teamwedstrijd op het programma: Het Nederlands Kampioenschap voor clubteams. Elke vereniging mag 1 A-team, 1B-team en 1 C-team inschrijven. Het C-team zal worden gevormd door springers(-sters) uit de wedstrijdsport. Springers uit de Wedstrijdsport “Plus”vormen het B-team, en het A-team bestaat uit springers(-sters) uit de Topsport.
Vanaf januari staat een regionaal kampioenschap, en individuele wedstrijden op het programma. Tijdens het regionaal kampioenschap en de individuele Finale (mei) wordt behalve aan de individuele - ook aan de synchroonwedstrijd meegedaan.
Wedstrijdsport Plus

Springers die nog meer willen springen, en die over voldoende talent beschikken, kunnen gaan meedoen in de Wedstrijdsport “Plus”. Zij trainen 10 tot 15 uur per week, in blokken van 2,5 uur. Deze springers(-sters) komen uit in de B-klasse. Springers uit deze klasse kunnen doorstromen naar de topsport. Veel hangt daarbij natuurlijk af van leeftijd, talent en motivatie.
|